Maandag 27 november.

Vanmorgen om 06:30 uur opgestaan. We hadden gisteren alles al weer ingepakt zodat we vanmorgen alleen de laatste spullen nog maar in het koffertje hoefden te gooien. Tegen de waarschuwing in heb ik de schuifpui even open gezet, wat resulteerde in een aap in de kamer, die zich van mij ksssttAapje 1t niets aantrok, maar toen ik dichterbij kwam liep hij toch naar buiten om op dAapje 2e relling van het balkon te gaan zitten, wat een brutaaltjes!

 

Om 07:00 uur zijn we naar het restaurant gelopen. We werden bij het zwembad verrast door een stuk of 10 aapjes, ze zaten te spelen en ruzie te maken. We wachten even op Jeroen en gaan samen ontbijten. Ondertussen zitten de apen in de naastgelegen bomen te azen op alles wat op de tafels staat. Ze willen de suikerzakjes zegt een van de obers. We vinden het een geweldig gezicht en genieten ervan, maar de obers proberen ze natuurlijk van het eetgedeelte weg te jagen. Ze zijn dit gewend want ze komen direct terug. Wij vinden het wel grappig om te zien, dus maken wij er aantal foto’s van.

Dan is het half 8 en lopen we naar de receptie om onze sleutels af te leveren en om op Siri te wachten. Hij is in geen velden of wegen te bekennen. Na een paar minuten lopen we naar de parkeerplaats en zien de auto staan met Nuwan en daar komt Siri ook aangerend. We stappen in en zeggen tegen Siri dat we eerst moeten pinnen. Dan mengen we ons in het drukke verkeer van Kandy. De uitlaatgassen zijn niet misselijk, zwarte rookpluimen zorgen ervoor dat we regelmatig onze ramen moeten sluiten. Onder luid toeteren schieten er links en rechts tuktuks, auto’s en btheeveldenussen aan ons voorbij. Na een half uurtje wordt gestopt zodat er gepint kan worden. Zoals gisteren ook al het geval was doet Nuwan telkens de autodeuren op slot. Voor onze veiligheid zegt hij. We vinden het lief dat hij zo met ons begaan is. Op een gegeven ogenblik rijden we ineens tussen de theevelden. We kijken onze ogen uit, we vinden het schitterend. Telkens als we willen wordt er gestopt. Zo ook bij een plantage waar een aantal theeplukstersvrouwen uit de stuikjes te voorschijn springen. Ze beginnen uit de verte al te vragen naar geld en pennen. We nemen wat foto’s en Richard en Jeroen geven ze geld. De theepluksters werken 6 tot 7 dagen in de week.

We rijden door naar een theefabriek,
waar we een rondleiding van een schitterend mooie jonge vrouw krijgen. Ze legt in keurig Engels de hoe het verwerkingsproces in zijn werk gaat. Ondertussen werken de vrouwen druk door en wordt er een grote kar door een oude vrouw door het pad geduwd. In Nederland zouden we er schande van spreken als dit soort werkzaamheden door deze oude vrouw werd uitgevoerd. De jonge vrouw van de rondleiding bij de theefabriek
Maar goed, in dit land zijn deze zaken anders. Als we de rondleiding hebben gehad krijgen we een kopje thee aaKopje thee bij de theefabriekngeboden.
We nemen er een cakeje bij. De thee is werkelijk heerlijk en we gaan dan ook op weg naar de winkel waar we een aantal dozen thee kopen. Er staan 6 meisjes in de winkel, daaraan kun je zien dat arbeidsloon hier niets kost.

We rijden verder door de schitterende theevelden naar Nuwara Eliya, de tuinstad van Azië. Deze tuinstad blijkt ontzettend te stinken! Het stinkt er soms zo ontzettend naar riolering dat je bijna over je nek dreigt te gaan.
De mannen hebben een winkel ontdekt waar ze even naar binnen willen dus we lopen als echte bikkels gewoon door! Even later neemt Siri ons mee naar een winkel waar we een cd met Sri Lankeese liedjes laten branden. Opeens valt mij op dat Richard met zijn cameratas wel heel erg goed door een groep jongens wordt geobserveerd, ik ga bij hem staan en laat het groepje merken dat ik ze in de gaten hou, waarop ze een eindje verderop gaan staan. We hebben genoeg gehad van deze vieze stad en lopen weer naar ons busje. Onderweg komen we op een schitterend mooie plaats waar we een aantal foto’s worden genomen. Er komt een man op mij af lopen die een aantal kettingen aan me laat zien. Hij staat hier in de middle of nowhere die arme stakker heeft waarschijnlijk in geen tijden wat verkocht. Ik koop een aantal kettingen van hem voor 1000 rupees en beloof een foto aan Siri te sturen waar ik samen met hem op sta. Siri zegt dat hij van die 1000 rupees wel een week kon leven. Op een gegeven ogenblik komen we door een dorpje waar het zwart ziet van de mensen die aan de kant van de weg staan, ze staan allemaal te naar de rivier te kijken. Nuwan stopt het busje en de mannen stappen uit, ik blijf zitten omdat ik bang ben dat er iets te zien is dat ik niet wil zien. Siri komt even later terug met de mededeling dat er een dode vrouw in het water drijft. De mannen stappen weer in, voordat we weg rijden klinken er allemaal opgewonden kreten. We willen niet kijken maar we worden er allemaal naar toe getrokken. Er komt inderdaad een lichaam voorbij drijven. Hoe bizar! De jeugd vind het schijnbaar een happening want er klinkt overal gelach. Wat ik heel erg raar vind, omdat je bij een land als dit denkt aan mensen die met veel respect voor de doden om zouden gaan. Dit lijkt voor de jeugd niet het geval te zijn. Ik vraag waarom die vrouw niet uit het water wordt gehaald. Siri zegt dat dat de politie dat alleen mag doen. We rijden verder, met het dode lichaam nog op ons netvlies gegrift.

Maar zelfs voor ons gaat het leven gewoon door en zo krijgen we na een uurtje gewoon honger en wordt er gestopt om thet restaurant op weg naar Hikkaduwae lunchen. Het is een oud gebouw, wat in werkelijkheid een guesthouse is, in het restaurant zitten alleen lokale mensen te eten, dat is voor ons een goed teken. Richard en Jeroen bestellen iets met vlees en ik vraag om een vegetarisch gerecht. De man zegt dat ze iets lekkers klaar zullen maken, ik ben benieuwd, als het net zo lekker is als bij het Yala park! Als de man een kwartiertje later terug komt ruikt het allemaal heel erg lekker, mijn gerecht ruikt ook heel lekker, maar smaakt vreemd. Na een paar happen vind ik het jammergenoeg vies worden, dus eet ik mijn rijst en wat van de andere groenten op. Dat is lekker hoor. Ik vraag later aan de ober wat voor groenten er in mijn gerecht zitten, hij noemt een groente die wij niet kennen. Als ik later aan Siri vraag wat het is kan hij mij de Engelse naam niet noemen, het schijnt een groente te zijn die alleen in Sri Lanka voorkomt.

de kinderen onderwegNa de lunch rijden we verder om toch wel regelmatig te stoppen om foto’s te maken van de schitterende uitzichten en er even van te genieten. Tijdens een van de stops staan er 2 jongentjes en 1 meisje aan de kant van de weg, ze roepen naar ons en zwaaien. Ik gaf ze een rode en gele antaflu en ze renden weg naar hun moeder om hvrouw met hout op haar hoofdun buit te laten zien. Er komen ook twee jongens van een jaar of 20 en een oude vrouw naar ons toe. De jongens willen ook wel graag een snoepje, ik geef ze er een en ik geef de oude vrouw ook twee snoepjes. Ze kijkt er verbaast naar, Siri schiet in de lach en zegt dat ze liever geld heeft. Ze kijkt ons aan of ze zeggen wil ‘hoe kun je me nu snoepjes geven, ik heb niet eens tanden ’ hahaha! Ze moet het er mee doen. De jongens zeggen dat ze de snoepjes lekker vinden en vragen voor een vriend die een eindje verderop in de theeplantage aan komt zetten ook een snoepje. Ze brengen het meteen naar hem toe. Als we weg rijden worden we uitgezwaaid door de 3 kinderen en de 3 jongens en de oude vrouw kijkt ons onbewogen na. Baybay roepen we, Baybay roepen de 3 kinderen en ze blijven samen met de jongens zwaaien tot we uit het zicht verdwenen zijn.
Devon FallsOnderweg stoppen we nog een paar keer omdat er watervallen te zien waren, helaas zijn ze een eind weg,
maar we hebben een aantal mooie foto’s kunnen nemen.
We komen over wegen die voor kort afgesloten waren omdat er stukken berg was afgebrokkeld en op de weg
terecht waren gekomen. Ontzettendhet rotsbloke grote rotsen lagen nog langs de kant van de weg.
Een brokstuk had een taxi met twee mensen geplet, de rots was groter dan ons busje, de mensen waren natuurlijk omgekomen.

Om half 4 zegt Siri dat we nu een stuk bergen krijgen en daar voor het donker door wil zijn. Met een noodgang word de bergweg dan ook genomen, onderweg tuktuks, koeien en andere auto’s ontwijkend.

het mooie uitzicht op weg naar de jungle road





We zijn nog even tussendoor gestopt bij een rubberplantage. Om half 7 stoppen we om een kopje thee te gaan drinken, we moeten nog 3 uur rijden naar Hikkaduwa. Na een kwartiertje rusten gaan we dan ook snel verder. Als we bijna in Hikkaduwa zijn staat Nuwan plotseling op de rem, we zien een politieagent uit het duister stappen, Nuwan en Siri stappen uit en lopen naar de achterzijde van de auto. We kletsen gewoon door. Op een gegeven ogenblik gooit Siri de deur open en zegt iets onverstaanbaars met please oké. We kijken elkaar verbaast aan en kletsen weer door. Na een minuut wordt de deur gesloten en stappen de jongens weer in. We rijden verder en na een paar meter barsten Siri en Nuhan in lachen uit. Wat blijkt, Nuwan moest stoppen omdat hij te hard reed. Wij Siri en Nuhannatuurlijk vragen of ze een bekeuring hebben gehad. Nee zei Siri, we hebben gezegd dat Jeroen buikpijn had en direct naar het hotel moest en daarom mochten ze zonder een bekeuring doorrijden. Wij liggen in een deuk! Wat een grapjassen! Zonder de leugen hadden ze een bekeuring gekregen van rond de 15 euro. Dat is natuurlijk een vermogen voor ze! We vinden het slim bedacht. Binnen een minuut of 10 waren we bij het hotel. We betalen ze en geven ze per persoon nog een tip van 5 euro. Ze zijn er heel blij mee. Ze hebben het ook verdient hoor. Siri is een goede gids en Nuwan is een chauffeur die heel erg veilig rijdt, we zijn in de bergen zelfs geen enkele keer bang geweest. We zwaaien ze uit. Voor het eten is het ondertussen te laat en we zijn te moe. Als we de hal binnenkomen klinkt er veel muziek, het is het afscheidsfeest van Idols. We gaan even buiten kijken, jeetje wat een lawaai. We zeggen Jeroen gedag en gaan naar boven en hopen dat we niet al te veel last van de muziek hebben. Nadat we ons gedoucht hebben vallen we ook eigenlijk direct in slaap. Last van de muziek hebben we in ieder geval niet gehad!

Vorige pagina
Volgende pagina
Vorige pagina
Volgende pagina